wel/geen opvang

Nederland moet uitgeprocedeerde asielzoekers wel/geen* opvang te bieden

De vraag of Nederland uitgeprocedeerde asielzoekers opvang moet bieden, houdt de gemoederen al enige tijd bezig. Ook diverse nationale en internationale rechters hebben zich over de kwestie uitgelaten. Op 28 juli 2016 was de beurt aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (het Hof) om een oordeel te vellen.

Achtergrond
Meneer Hunde leeft sinds 2011 in Nederland. Zijn asielverzoek werd afgewezen maar hij is niet teruggekeerd naar zijn herkomstland Ethiopië. Omdat hij niet kon worden uitgezet, werd zijn inbewaringstelling in vreemdelingendetentie na enkele maanden opgeheven. In 2013 sloot hij zich aan bij de Wij zijn hier– groep in Amsterdam. Uitgeprocedeerde asielzoekers hebben in Nederland formeel geen recht op sociale voorzieningen, maar de gemeente Amsterdam bood ruim 100 leden van die groep tijdelijk onderdak en ondersteuning in de vorm van de pilot Vluchthaven. Hunde voldeed echter niet aan de gestelde eisen en verbleef daarom in de Vluchtgarage, een geïmproviseerde opvang in Amsterdam-Zuidoost. Uiteindelijk is in 2015 zijn asielverzoek geaccepteerd.

De klacht
De klacht van Hunde bij het Hof gaat over de periode dat hij in de Vluchtgarage verbleef. Hunde verwijt Nederland dat hem geen onderdak en basisvoorzieningen zijn geboden en dat hij als gevolg daarvan onder erbarmelijke omstandigheden in de Vluchtgarage moest leven, zonder enige bescherming tegen het geweld van andere bewoners. Volgens Hunde heeft Nederland daarmee gehandeld in strijd met artikel 2 en 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

De Nederlandse rechters
Op het beroep van meneer Hunde en enkele andere uitgeprocedeerde asielzoekers in Amsterdam, oordeelde de rechtbank Amsterdam dat deze groep mensen een onvoorwaardelijk recht op opvang heeft en dat de gemeente wel degelijk verplicht is om hen dat te bieden, omdat de Nederlandse staat het nalaat. De rechtbank baseerde zich vooral op de uitspraak van het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) op 1 juli 2014, waarin het Comité bepaalde dat Nederland in strijd handelt met het Europees Sociaal Handvest (ESH) door deze groep geen opvang te bieden.

De hoogste Nederlandse rechters zagen dit anders. De Centrale Raad van Beroep (de Raad) en de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) oordeelden in december 2015 dat Nederland geen mensenrechtelijke verplichtingen kent om onvoorwaardelijk onderdak en leefgeld te bieden aan uitgeprocedeerde asielzoekers. Zoals in een eerder blog beschreven, beschouwt Nederland de uitspraken van het ECSR en de bepalingen uit het ESH niet als juridisch bindend. De rechters betrekken het oordeel van het ECSR wel bij de uitleg van het EVRM. Volgens hen betekent dit dat de opvang in een vrijheidsbeperkende locatie op voorwaarde van meewerken aan terugkeer in het algemeen volstaat. Het huidige Nederlandse opvangbeleid is volgens beide colleges sluitend. Slechts in bijzondere omstandigheden, wanneer de betrokkene vanwege zijn psychische gesteldheid de consequentie van niet meerwerken aan terugkeer niet kan overzien, kan dit anders zijn. Dergelijke bijzondere omstandigheden worden door de Afdeling niet snel aangenomen.

Uitspraak van het Hof
De kwestie is nu voorgelegd aan het Hof. Is het niet onvoorwaardelijk bieden van bed, bad en brood aan meneer Hunde (lees: uitgeprocedeerde asielzoekers) in strijd met artikel 2 en 3 van het EVRM?

Nee, oordeelt het Hof unaniem. Het Hof onderschrijft het belang van uitspraken van het ECSR en van de bepalingen in het ESH bij de uitleg van het EVRM, maar niet dat de uitspraak van 1 juli 2014 van het ECSR automatisch betekent dat in dit geval ook sprake is van strijd met artikel 2 en 3 van het EVRM. Het verbod op onmenselijke of vernederende behandeling in artikel 3 EVRM en het recht op leven in artikel 2 EVRM zijn absolute rechten die gelden voor iedereen, ongeacht hun verblijfsstatus. Maar de bepalingen omvatten volgens het Hof geen positieve verplichting voor staten om uitgeprocedeerde asielzoekers onderdak en voorzieningen te bieden. Het Hof benadrukt dat het EVRM tot doel heeft een balans te vinden tussen de bescherming van individuele mensenrechten enerzijds en het algemeen belang van de gehele samenleving aan de andere kant. Hieronder wordt ook het soevereine recht van lidstaten tot migratiecontrole verstaan (Lees hier over het dilemma tussen mensenrechten en migratiecontrole). Slechts in heel uitzonderlijke situaties acht het Hof uitzetting en het onthouden van voorzieningen in strijd met het EVRM.

Uitzonderlijke situaties
Het Hof vindt de situatie waarin de heer Hunde zich bevond niet zo uitzonderlijk. Dit was wel het geval bij de asielzoeker in de zaak M.S.S. tegen België en Griekenland. In deze zaak oordeelde het Hof dat België in strijd met artikel 3 EVRM handelde door de asielzoeker naar Griekenland te sturen. Het Hof wijst op de lange duur waarin de asielzoeker verkeerde in een situatie van extreme armoede, angst en uitzichtloosheid en op de onzekerheid die hij als asielzoeker in Griekenland zou hebben.

De situatie van meneer Hunde is volstrekt anders, volgens het Hof. In de eerste plaats is hij geen asielzoeker maar een uitgeprocedeerde asielzoeker met een wettelijke plicht om uit Nederland te vertrekken. Zijn asielverzoek was al onderzocht en afgewezen. En zijn onzekerheid heeft dan ook niet te maken met zijn positie als asielzoeker. Het Hof vindt bovendien dat Nederland niet onverschillig of inactief heeft gehandeld door hem na afwijzing van zijn asielverzoek opvang te bieden in een vrijheidsbeperkende locatie onder voorwaarde van het meewerken aan terugkeer.

Menswaardig opvangbeleid?
Het Hof sluit zich dus aan bij het oordeel van de Nederlandse hoogste rechters dat het huidige opvangbeleid voor uitgeprocedeerde asielzoekers voldoet aan het EVRM. In zijn oordeel betrekt het Hof ook het Nederlandse buitenschuldbeleid. Uitgeprocedeerde asielzoekers die buiten hun schuld niet kunnen terugkeren naar hun land van herkomst, kunnen een aanvraag doen voor een buitenschuldvergunning. Een dergelijke aanvraag heeft meneer Hunde niet gedaan.

Is de conclusie nu dat Nederland met het “bed, bad, broodakkoord” een menswaardig, sluitend opvangbeleid heeft?  Uitgeprocedeerde asielzoekers die meewerken aan hun terugkeer wordt opvang geboden, zij die buiten hun schuld of op medische gronden niet weg kunnen, kunnen zich op ander beleid beroepen en in bijzondere gevallen moet onvoorwaardelijke opvang worden geboden.

In de praktijk zijn er toch wat haken en ogen. Aanvragen voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet of een buitenschuldvergunning worden niet vaak toegekend en “bijzondere omstandigheden” worden niet snel aangenomen. Ook blijkt de opvang niet altijd toegankelijk. Eerder hebben we ook al de vraag gesteld hoe wordt bepaald in hoeverre iemand meewerkt aan terugkeer en hoe lang iemand kan blijven meewerken aan terugkeer. Ook blijkt in een heel aantal gevallen dat fouten zijn gemaakt in de asielprocedure en dat “uitgeprocedeerden” alsnog recht op asiel hebben. Het asielverzoek van meneer Hunde is uiteindelijk ook toegekend. In retrospectief is hij dus altijd vluchteling geweest. Hoe moet, met deze kennis van achteraf, de voorwaarde tot meewerken aan terugkeer naar Ethiopië worden beoordeeld?

Ten slotte heeft Nederland zich ook aan internationale mensenrechtenverdragen verbonden. Op basis van het Internationaal Verdrag voor Economische Sociale Rechten (IVESR) geldt wel een onvoorwaardelijk recht op basisvoorzieningen voor iedereen, ongeacht de verblijfsstatus. VN-rapporteurs hebben zich meerdere malen kritisch uitgelaten over het opvangbeleid in Nederland. En ook diverse NGO’s en gemeenten beroepen zich op dit verdrag.

Ik vermoed dan ook dat dit oordeel van het Hof geen einde maakt aan de discussie over de vraag of Nederland uitgeprocedeerde asielzoekers wel of geen bed, bad en brood moet bieden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s